Muhammad ibn Jarir Al-Tabari (225-310H*/839-923C) 

Ustadh Saoed Khadje
Docent Dar-al-'Ilm - Instituut voor Islam Studies

Het belang van zijn tafsierwerk 

Hij is één van de belangrijkste Koranexegeten (uitleggers) van de klassieke periode. Zijn tafsierwerk Djaami’ al-Bayaan ‘an Ta’wiel Aay al-Qoer‘aan is één van de grootste klassiekers die tegenwoordig nog beschikbaar is. Het is zonder twijfel een monumentale tafsier van de Koran. Al-Tabari’s tafsierwerk heeft als basis gediend, of als belangrijk referentiewerk, voor vele andere tafsierwerken. Veel tafsierwerken ‘leunen’ op een of andere wijze op zijn werk. Dit komt vooral omdat zijn werk de meest veelomvattende en gedetailleerde werk was in de geschiedenis van de tafsier, zeker in de klassieke tijden. Hij probeert zoveel mogelijk relevante informatie over de Koranverzen en de profeet Muhammad (vrede zij met hem) mee te geven. 

De waardering voor zijn werk

Tijdsgenoten hebben gezegd dat hij er in ieder geval veertig jaar over heeft gedaan om zijn tafsierwerk te schrijven, en hij schreef veertig pagina’s per dag. Hierbij moeten wij niet vergeten dat dit was met de middelen die men had in díe tijd. Het is onvoorstelbaar. Wij mogen alleen maar dankbaar zijn, dat geleerden als Al-Tabari zo een schat aan kennis heeft achtergelaten waar wij tot op heden profijt uit kunnen halen. Een van de grote fiqhgeleerden in de tijd na Al-Tabari zei iets in de woorden: “Zelfs als iemand naar China zou moeten reizen om het tafsierwerk van At-Tabari te kunnen verkrijgen, dan is dat niet veel moeite/inspanning.” China was toen de andere kant van de wereld en let wel, als iemand een kopie ervan wilde verkrijgen, dan moest dat met de hand worden overgeschreven. De bekende hadiethgeleerde Ibn Khuzaymah zei: “Ik heb er van begin tot eind naar gekeken en ik ken niemand hier op aarde die meer kennis heeft dan Ibn Jarir.”

De stijl van zijn tafsierwerk

Al-Tabari’s stijl is voornamelijk te plaatsen in die van de tafsier bi’l-ma’thoer. Over Al-Tabari is gezegd dat hij de eerste zou zijn die zo een soort tafsier in boekvorm afmaakte. Ondanks dat het erg zwaar is gebaseerd op overleveringen, geeft het ook grammaticale analyses van Koranverzen weer, maar ook de verscheidene qiraa‘aat (recitatievormen) en wat dit betekent voor een desbetreffende vers (aayah). Wanneer hij dat zo nodig acht, geeft hij ook persoonlijke beredeneringen (idjtihaad) over verscheidene aspecten van een vers. Al-Tabari geeft echter ook kennis mee over het verleden. Dat is op zich niet vreemd, aangezien hij ook een uitmuntende historicus was. Al-Tabari staat bekend om zijn meesterschap over de Arabische taal. Hij gebruikte dit erg effectief in het uitleggen van de Koran. Verder geeft hij kritische inzichten in de overleveringen. Wat vaker als kritiekpunt wordt aangehaald is dat zijn werk ook controversiële israa’ieliyaat (Bijbelse vertellingen) bevat, die niet persé zijn bevestigd in authentieke islamitische bronnen. In veel opzichten kan dit als de eerste tafsier worden beschouwd die tracht om ieder aspect van een vers te behandelen. In latere tijden zijn er meerdere werken geschreven die de betrouwbaarheid van de overleveraarsketens van Al-Tabari’s tafsierwerk hebben onderzocht.


* H = islamitische jaartelling op basis van een maankalender startend vanaf het jaar 623C.
C = christelijke jaartelling op basis van een zonnekalender